Het stond al een paar weken geleden in de krant maar het bleef mijn verbazing vasthouden. In Trouw las ik de kop: “40 miljoen uitgetrokken voor betere aansluiting MBO op de arbeidsmarkt”.
Hoezo éxtra geld gaat naar het MBO? Is de aansluiting op de arbeidsmarkt niet een van de fundamenten van een opleiding binnen het middelbaar beroepsonderwijs.

Het idee van Minister Bussemaker is dat zeventien projecten bij elkaar 43,5 miljoen euro krijgen. Het bedrag moet gebruikt worden om mbo-studenten beter voor te bereiden op de arbeidsmarkt. Het gaat er onder meer om om mbo-studenten al tijdens hun studie te laten werken met bepaalde technieken en methoden omdat ze na hun examen beslagen ten ijs komen. Er zijn bijvoorbeeld zes projecten uitverkoren op het gebied van zorg en welzijn, maar ook veel techniekprojecten. De gekozen projecten zijn verspreid over het hele land.

Bussemaker zelf is super blij met de voorstellen: ‘Alle ontwikkelingen die van invloed zijn op de arbeidsmarkt van morgen, zoals robotisering, maken het van het grootste belang dat juist in het mbo nieuwe kansen worden gecreëerd.’ Het MBO moet daarop inspelen en vernieuwend zijn. Deze voorstellen leveren daaraan een cruciale bijdrage.’

Prima, dat er focus op de uitdagingen en wensen uit het bedrijfsleven van morgen komt. Maar kan dit niet vanuit de reguliere lumpsum worden gefinancierd?

Stimuleer je als ministerie een bestuur niet beter wanneer zij kritisch naar hun huidige bestedingen moeten kijken in plaats van dat er een extra zak geld wordt neergezet?

Financiering binnen het MBO
Onderwijsinstellingen voor beroepsonderwijs en volwasseneneducatie krijgen 1 bedrag van het Rijk voor personele en materiële kosten: de lumpsum. Het bestuur van de instelling bepaalt zelf hoe het dit geld besteedt. Zo kunnen instellingen hun beleid en onderwijs beter afstemmen op de situatie van de school. Bijvoorbeeld op het aantal leerlingen en de behoefte aan materialen. Bij de verdeling van de budgetten in het beroepsonderwijs houdt de overheid rekening met het aantal leerlingen en het aantal diploma’s.

Kwaliteitsafspraken
Naast de lumpsum ontvangen instellingen in het middelbaar beroepsonderwijs een bijdrage voor individuele kwaliteitsafspraken. De kwaliteitsafspraken gaan onder andere over:

  • professionalisering van leraren en schoolleiders;
  • studiesucces;
  • de kwaliteit van de beroepspraktijkvorming;
  • voortijdig schoolverlaten.

Wat mij betreft valt de aansluiting op de arbeidsmarkt samen met de kwaliteit van de beroepspraktijkvorming. Als een student op zijn stage (praktijk) zijn opgedane kennis (theorie) niet tot uitvoer kan brengen gaat er in de kwaliteit van de beroepspraktijkvorming al iets fundamenteels mis. Kunnen deze projecten dan juist niet vallen onder de kwaliteitsafspraken die er met besturen is gemaakt. Iets minder vrijblijvendheid alsjeblieft.

Robotisering
IHKS
Elke Minister van OCW is bang dat wij ons binnen het MBO gaan vervelen. Volgende plannetje: Invoering Herziening Kwalificatiestructuur (IHKS). Deze herziening gaat per 1 augustus 2016 in. De herziening kwalificatiestructuur heeft als doel een nog betere en flexibelere aansluiting van opleidingen op de arbeidsmarkt. Straks krijgt een mbo-opleiding niet alleen te maken met basisdelen (taal, rekenen, LB) en profieldelen (kerntaken), maar ook met keuzedelen. Het is een nieuw onderdeel binnen een mbo-opleiding. Keuzedelen zijn ontstaan omdat het bedrijfsleven vraagt om studenten die beschikken over actuele kennis. Om die reden kunnen keuzedelen flexibel worden ingezet. Door een bepaald keuzedeel te volgen kan een student zijn arbeidsmarktpositie versterken door extra kennis en vaardigheden op te doen. Dit kan zelfs regionaal gebonden zijn. Deze keuzedelen moeten dus aansluiten en invulling geven aan behoeften van de arbeidsmarkt.

Hoezo éxtra geld gaat naar het MBO?
Hier zit voor mij de contradictie. De IHKS heeft als doel meer aan te sluiten op vraag vanuit het bedrijfsleven en daarnaast worden er projecten gefinancierd die meer aansluiten op de arbeidsmarkt. Indien een school bij de invoering van de HKS niet voldoende rekening houdt met de aansluiting op de arbeidsmarkt slaat het wat mij betreft hier de plank al volledig mis.

MBO-ers zijn extra kwetsbaar. Misschien wel juist door robotisering. Ze doen een opleiding voor een specifieker beroep dan binnen het HBO of WO. Juist voor deze groep is het belangrijk dat hun praktische opleiding aansluit op de arbeidsmarkt en de vraag van morgen. Mensen opleiden voor de behoefte en vraag van gisteren en vandaag is doelloos.

Wat mij betreft zou een schoolinstelling vanuit zijn beoordeling op de onderwijskwaliteit aangesproken moeten worden op zijn inzicht in de arbeidsmarkt en haar perspectieven. Dit zou dus niet gestimuleerd hoeven worden vanuit een ander (extra) potje.

Meer geld leidt niet tot betere kwaliteit of aansluiting. Breng eerst de kaders omtrent theorie en praktijk maar dichterbij elkaar en zorg dat de beroepspraktijkvorming hier een primaire rol in heeft.

 

Deze blog werd geschreven door Gerke van Kooten. Gerke is NieuwKrijt Community Blogger. Ook bloggen op NieuwKrijt? Klik hier! 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Sluit Menu